Menu

Wensen van leraren voor het beter omgaan met verschillen in de klas

Leraren basisonderwijs willen zich professionaliseren in het onderwijs aan kinderen met verschillende leerstijlen.Daarnaast hebben leraren behoefte aan meer ondersteuning en faciliteiten in de school. Dit blijkt uit het onderzoek ‘Omgaan met verschillen in de klas’ van het Arbeidsmarktplatform PO. De sociale partners van het primair onderwijs willen weten hoe leraren aankijken tegen het opbrengstgericht werken en het passend onderwijs in relatie tot het kunnen omgaan met verschillen in de klas.

Patrick Banis, secretaris Arbeidsmarktplatform PO: ‘De toenemende diversiteit aan leerlingen vraagt om een hoge kwaliteit van het onderwijs. Het is daarom goed dat leraren blijk geven van kritisch te kijken naar dat waar ze al goed in zijn en naar dat waar ze zich verder in wensen te professionaliseren. Daar spreekt uit dat zij voor alle leerlingen het onderwijs van goed naar beter willen brengen.’

Positief over ontwikkelingen

Leraren zien de meerwaarde van het opbrengstgericht werken als middel om, via het meten van prestaties en het leveren van maatwerk, het maximale uit kinderen te halen. Ze staan ook vaak positief tegenover het idee van passend onderwijs maar hebben hun bedenkingen bij de invoering ervan. Zij ervaren grenzen bij het aansluiten op specifieke onderwijsbehoeften van individuele leerlingen in een groep. Daar komt bij dat eerdere bezuinigingen, leerlingenkrimp en grotere klassen met meer zorgleerlingen erin, het realiseren van passend onderwijs moeilijker maakt.

Ruimte voor professionalisering

Hoewel leraren zich over het algemeen toegerust (bekwaam) voelen voor het omgaan met verschillen in de klas, is de Inspectie van het Onderwijs hierover minder positief in haar Onderwijsverslag 2011/2012. Volgens de Inspectie is er ruimte voor verbetering van kwaliteiten van leraren(teams) op dit gebied. De invoering van het opbrengstgericht werken en het passend onderwijs vragen van leraren dat ze goed kunnen inspelen op de leerstijlen van leerlingen met gedrags- en leerproblemen, met een lichamelijke of verstandelijke beperking of hoogbegaafde leerlingen. Leraren geven zelf aan dat ze voor deze specifieke groepen nog onvoldoende zijn toegerust. Minder dan de helft vindt verder dat de school voldoende tijd en geld uittrekt voor hun verdere professionalisering. Ook startende leraren hebben ondersteuning nodig bij het omgaan met verschillen in de klas. De pabo kan leraren daarin onmogelijk volledig opleiden. Schoolleiders moeten in de inwerkperiode en in de verdere professionalisering van startende leraren rekening daarmee houden.

Steun

De meeste leraren geven aan behoefte te hebben aan meer ondersteuning bij het onderwijs. Zij noemen dan: tijd om te leren van en te overleggen met collega’s, extra ondersteuning van leerlingen (bijvoorbeeld door Remedial Teaching of therapie), ondersteuning door een interne begeleider en extra assistentie in de klas van een onderwijsassistent of een extra collega. Zij willen ook graag faciliteiten hebben als voldoende tijd, het kunnen afstemmen van de klassengrootte op het aantal leerlingen dat extra begeleiding nodig heeft en een geschikte fysieke omgeving (zoals met verschillende ruimtes). Deze vormen van ondersteuning en faciliteiten zijn niet altijd in voldoende mate aanwezig op school.

Over het onderzoek

Voor het onderzoek is een literatuurstudie gedaan en een enquête gehouden via het Flitspanel van het ministerie van BZK. Op de enquête hebben 773 leraren of managers met lesgevende taken gereageerd (respons = 44 procent). De uitkomsten van het literatuuronderzoek en de enquête zijn gepresenteerd tijdens een expertmeeting met 14 deelnemers. Onder hen bevonden zich schoolleiders, leraren, een pabodocent, een lector en beleidsmakers van OCW.

Privacy en cookies. Lees meer.