Menu

Goede start van leerkrachten draait om samenwerking en begeleiding

Hoe zorg je ervoor dat startende leerkrachten behouden blijven voor het onderwijs? In het zuiden van Nederland hebben 45 schoolbesturen samen met de Fontys Hogeschool hun krachten verenigd in het Partnerschap Opleiden in de School (POS). Dankzij een actieve samenwerking, veel begeleidingsfaciliteiten en heldere beoordelingscriteria, krijgen beginnende leraren een goede start van hun loopbaan.

Inductiefase

‘Aandacht voor professionalisering van leerkrachten is niet vanzelfsprekend’, weet Claudia van Eggelen-Lammerding, POS-projectleider Leernetwerken Startende leerkracht, gedetacheerd vanuit ATO- Scholenkring. ‘Je moet dat echt stimuleren.’ Vanaf 2014 is van Eggelen-Lammerding samen met Marie-Louise van Lieshout, POS-projectleider Startende leerkracht, bezig met het project versterken samenwerking rondom de begeleiding van de startende leerkracht in de inductiefase.
 
‘De inductiefase behelst de eerste drie jaar na het behalen van een pabo-diploma’, legt Eggelen-Lammerding uit. ‘Tijdens die fase professionaliseren leerkrachten zich van startbekwaam naar basisbekwaam. ’Om duidelijkheid te hebben over wat onder basisbekwaam wordt verstaan, heeft de projectgroep een competentieprofiel met vier kritische handelingen ontwikkeld: pedagogisch handelen in klassensituaties, omgaan met verschillen tussen leerlingen, ondernemerschap in educatief partnerschap, en leren en werken in een professionele leergemeenschap. Het competentieprofiel is een leidraad voor de begeleiding en beoordeling. Afhankelijk van waar een bestuur voor gekozen heeft binnen het integraal personeelsbeleid, wordt de inductiefase afgesloten met een beoordeling.

Leernetwerk

Om beginnende leerkrachten vanaf de start van hun loopbaan te helpen bij het ontwikkelen van de belangrijke competenties, organiseerde het POS onder andere een kick-offbijeenkomst en een leernetwerk met vijf bijeenkomsten. Eggelen-Lammerding: ‘Tijdens de kick-off vertellen we starters wat de inductiefase inhoudt, welke mogelijkheden er zijn voor begeleiding en dat zij hun vragen mogen stellen binnen het bestuur waar ze aan het werk gaan. De leernetwerken zijn opgebouwd vanuit drie kernwaarden: verbinding, dialoog en eigenaarschap. Uiteindelijk zijn de bestuurders degenen die bepalen hoe de begeleiding voor de startende leerkracht er in de praktijk uitziet.’ In het leernetwerk draait het vervolgens om de dagelijkse praktijk. ‘Tijdens de bijeenkomsten leren starters van en met elkaar. “Hoe pak jij de lessen aan?” “Wat is er op jouw school geregeld?” Zo kunnen ze over de muren van hun schoolbestuur heen kijken. Dat is heel waardevol. Goede ideeën van de ene school worden vaak via startende leerkrachten overgenomen door een andere school.’

Starterscoaches

Voor de begeleiding binnen de school kunnen starterscoaches worden ingezet. Dat zijn bijvoorbeeld basisschoolcoaches die ook studenten begeleiden, of ervaren basisschoolleraren die zich met een opleiding hebben gespecialiseerd in hun coachingsvaardigheden. Via een training van het partnerschap worden zij voorbereid op het coachen van starters. Ook maken de starterscoaches zelf deel uit van het leernetwerk.

Assessment

De projectgroep adviseert om een assessment te gebruiken wanneer de starter de inductiefase af wil gaan sluiten. De leerkracht laat dan zelf met een portfolio zien hoe hij of zij zich heeft ontwikkeld op de vier competenties. Vervolgens wordt met een lesobservatie door een assessor en een evaluatiegesprek vastgesteld of een leerkracht basisbekwaam is. Bij het gesprek zitten de directeur van de school en een gecertificeerd assessor uit het veld; meestal een leerkracht van een andere school. Die assessoren worden opgeleid met een training die het POS ook heeft opgezet.

Rol besturen en schooldirecteuren

In de praktijk pakken de verschillende schoolbesturen het allen op hun eigen manier aan. ‘En dat past in de visie van het POS dat stichtingen hun eigen kleur geven aan het proces’, zegt Van Lieshout. ‘Het is vooral belangrijk dat men zich bewust is van een goede begeleiding van starters.’

Ze vervolgt: ‘Dankzij het partnerschap zijn ook de mogelijke professionaliseringstrajecten voor basis- en vakbekwame leerkrachten gevarieerder geworden. Denk hierbij aan experts, starterscoaches en assessoren. Ook hebben wij workshops georganiseerd voor directeuren, waarin we met elkaar op zoek zijn gegaan naar de rol van de directeur binnen de professionalisering van de leerkrachten. Als ik het hele traject over zou doen, zou ik meer aandacht geven aan hoe je de directeuren betrekt. Als zij het belang inzien van de ontwikkeling van hun leerkrachten, en dit ook ondersteunen en mede aansturen, helpt dat enorm.’
 
Lees meer over de activiteiten van het Partnerschap Opleiden in de School in het magazine Enfin of op de website van het POS.

Privacy en cookies. Lees meer.