Menu

Dialoog nodig om leraren in deeltijdbanen meer uren te laten werken

Leraren in deeltijdbanen overhalen om standaard meer uren te werken als oplossing van het lerarentekort vraagt om dialoog, tijd en inspanning. Circa 55 procent van alle leraren werkt in deeltijd en juist de groep deeltijdwerkers is tijdens hun loopbaan minder gaan werken. Ook geeft ruim de helft van alle leraren aan dat ze geen uren erbij willen. Het animo onder jongere leraren om meer uren te werken is groter, maar naarmate leraren ouder worden neemt dat af. Als deeltijdleraren zijn over te halen, is dat met een financiële prikkel of bijvoorbeeld interessante taken erbij. Dat blijkt uit een enquête onder 900 leraren in het primair onderwijs, waarvan een groot deel in deeltijd werkt. De resultaten zijn verwerkt in de factsheet ‘Deeltijdwerk nader bekeken. Verkenning naar motieven voor deeltijdwerk in het primair onderwijs’ van het Arbeidsmarktplatform PO. Door het oplopende lerarentekort is het belangrijk om te weten of deeltijd werkende leraren meer uren willen werken en onder welke voorwaarden.

Ton Groot Zwaaftink, voorzitter Arbeidsmarktplatform PO: ‘Schoolbesturen praten met deeltijdleraren over meer uren werken vooral in noodsituaties, zoals bij een griepgolf. Daar reageren leraren vaak heel loyaal op. Maar we horen ook vaker dat scholen met resultaat de dialoog aangaan over wat hen kan overhalen om standaard meer uren te werken. Of ze werven nieuwe leraren voor bijvoorbeeld minimaal drie dagen per week. We moeten doorgaan met in te spelen op wensen van deeltijdleraren en vaker werken met grote deeltijdbanen. Dat kost tijd, maar het onderwijs en de kinderen hebben alle leraren en uren hard nodig.’

Motieven voor deeltijdwerk

Leraren werken op dit moment vooral in deeltijd om voor hun kinderen te zorgen (ruim 65 procent). Mogelijk telt dit motief extra omdat in het primair onderwijs vooral vrouwen werken. Zij noemen deze reden dan ook vaker dan hun mannelijke collega’s. Daarnaast zegt bijna een derde van de leraren, vooral ouderen, het leraarschap te veeleisend te vinden voor een voltijdbaan. Ook wil ruim 40 procent tijd hebben voor onder andere het huishouden, hobby’s en sociale contacten.

Motieven voor voltijd werken

Leraren die een voltijd baan hebben, vinden hun werk zo leuk dat ze daar vaak bewust voor kiezen (ruim 54 procent). Als er geen kinderen in het spel zijn, kan dat ook een reden zijn (ruim 37 procent). Verder noemen voltijd werkers onder andere als argument de financiële aantrekkelijkheid (circa 36 procent).

Cijfers

In het primair onderwijs werken ruim 127.950 leraren. Circa 45 procent werkt in 2018 meer dan 0,8 fte. De anderen werken in deeltijd: 40 procent in een grote deeltijdbaan (0,5 – 0,8 fte) en bijna 15 procent in een kleine deeltijdbaan (0 – 0,5 fte). In vergelijking met vijf jaar geleden zijn leraren iets vaker in een grote deeltijdbaan gaan werken. Ook beginnende leraren zijn volgens de Loopbaanmonitor onderwijs (2018) de afgelopen jaren vaker in een voltijdbaan gaan werken. Dat hangt waarschijnlijk samen met de verbeterde arbeidsmarktperspectieven van de laatste jaren. Meer informatie staat ook in de Arbeidsmarktanalyse primair onderwijs 2019.

Download de factsheet ‘Deeltijdwerk nader bekeken. Verkenning naar motieven voor deeltijdwerk in het primair onderwijs’

Privacy en cookies. Lees meer.