Menu

‘Het stimuleren van talent heeft altijd zin’

Hoe kunnen invalleerkrachten zich blijven ontwikkelen, ondanks dat ze met veel scholingstrajecten op hun (tijdelijke) werkplek buiten de boot vallen? Bij Regionaal transfercentrum Transvita biedt de Talentenpool uitkomst. Marcel Hermens, senior coördinator van deze pool, en invalleerkracht Hester Moll, vertellen over de mogelijkheden.

Transvita biedt een invalpool (PiO), een Talentenpool en een loopbaancentrum voor 35 schoolbesturen in de omgeving Utrecht. Waar de PiO-pool bestaat uit invallers met tijdelijke contracten, hebben de invallers in de Talentenpool een vaste aanstelling bij een van de aangesloten schoolbesturen. In totaal zijn ongeveer 300 scholen met 62.000 leerlingen aangesloten bij Transvita.

Marcel Hermens is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de 70 leraren in de Talentenpool. Hermens: ‘Wij zijn eigenlijk directeur van een school zonder kinderen.’

Hester Moll is begin 2017 begonnen in de Talentenpool. Na het behalen van haar Pabo-diploma startte ze haar eigen bedrijf in pianolessen, maar ze keerde in 2016 (als invaller) terug in het primair onderwijs.

Invalkrachten vissen met ontwikkelingsmogelijkheden achter het net.

Hester: ‘Dat klopt wel. Na de Pabo heb ik een tijd invalwerk gedaan en sinds vorig jaar ben ik daar opnieuw mee begonnen. Soms kun je meedoen met cursussen of bijeenkomsten op de school, maar als invaller ben je vooral een oplossing voor de acute problemen van de school. Aan de ene kant ben je onderdeel van het team, maar aan de andere kant ook een gast. Jezelf ontwikkelen schiet er daardoor vaak bij in.’

Marcel: ‘Sommige invallers in onze PiO-invalpool staan inderdaad al lang stil in hun ontwikkeling. Zij vinden het prima om op verschillende plekken in te vallen en doen dat al jaren. Soms volgen ze zelf een cursus of ze sluiten aan bij een traject op een invalschool, maar vaak ontwikkelen ze zich helemaal niet. Er is een grote groep invallers in Nederland die kwalitatief eigenlijk onder de maat is en alleen wordt ingezet bij echte tekorten. Juist die groep heeft behoefte aan scholing, maar daar is geen geld voor.’

Hester: ‘Ik vind ontwikkeling juist heel belangrijk. Toen ik hoorde van de Talentenpool was ik meteen enthousiast. Uiteindelijk wil ik graag een eigen klas hebben, maar eerst wil ik mijzelf zoveel mogelijk verbeteren.’

Marcel: ‘In onze Talentenpool staat ontwikkeling voorop. De deelnemers krijgen een vaste aanstelling, jaargesprekken en veel begeleiding. Soms gebeurt dat door de school, zeker bij de grotere stichtingen, en anders pakken wij dat op.’

Het is zonde om als RTC te investeren in invallers. Voor je het weet werken ze ergens anders.

Marcel: ‘Het stimuleren van talent heeft altijd zin. Ik snap dat een directeur dit bekijkt op microniveau en zich afvraagt: “What’s in it for me?”. Daarom zijn RTC’s zo effectief. Wanneer je de gelden van schoolbesturen bij elkaar legt en in de regio investeert, komt er altijd een deel terug bij de school. Doe je dat niet, dan loop je het risico dat talenten het onderwijs verlaten.’

Hester: ‘Ik had echt een proces nodig om mijn eigen klas te kunnen runnen. Dankzij een coachingstraject, masterclasses en feedback op mijn lessen heb ik in korte tijd veel geleerd. Dat is echt van grote meerwaarde geweest en heeft me stimuleert om in het onderwijs te blijven.’

Marcel: ‘Ontwikkeling betekent trouwens niet alleen maar het volgen van scholing. Het organiseren van een Sinterklaasfeest kan bijvoorbeeld ook heel leerzaam zijn, zeker voor startende leraren. Maar dan moeten ze wel goed begeleid worden. Vaak realiseren directeuren zich niet dat de ontwikkelbehoefte voor de één op een ander niveau ligt dan voor de ander. Professionalisering is maatwerk.’

Invalpools zouden bij voorkeur moeten bestaan uit ervaren leerkrachten.

Marcel: ‘Voor onze PiO-invalpool hebben we een voorkeur voor ervaren leraren. Invallen valt namelijk niet altijd mee. Denk maar aan het vervangen van een collega die langdurig ziek is. Vaak zijn je dan heel wat tijdelijke invallers voorgegaan en is er sprake van enige verwaarlozing van de klas. Ga daar als beginnende leraar maar eens aanstaan.’

Hester: ‘Ik stond vorig jaar voor zo’n klas. De leraar die ik verving had een burn-out. In de maand voor mij waren er iets van 15 invallers geweest. Toen stond ik daar vanaf begin januari. Dat was echt heel zwaar. Gelukkig kreeg ik begeleiding vanuit de Talentenpool. Ik weet niet of ik het anders had volgehouden.’

Marcel: ‘Startende leerkrachten in onze Talentenpool krijgen meer begeleiding, omdat het afbreukrisico bij hen het grootst is. Wij werken bijvoorbeeld samen met twee Pabo’s in de buurt om ‘young professionals’ extra bij te scholen.’

Hester: ‘Dat soort scholing zie ik echt als een cadeautje. Net als het coachingstraject. Dat legt bij mij het fundament voor het juf-zijn.’

Marcel: ‘Ik gun het elke startende leerkracht om langere tijd op één plek te kunnen zitten met daarbij goede coaching. Zo krijgen ze het vak in de vingers. Ervaren leraren gun ik het juist om te wisselen van plek en een nieuwe impuls te geven aan hun beroep. Door de krapte op de arbeidsmarkt van de afgelopen jaren hebben leraren hun vaste plek omarmd en nooit een zoektocht ondernomen naar een school die beter bij hen past. Nu er genoeg werk is ontstaat er hopelijk beweging. RTC’s kunnen daar bij helpen. Via invalplekken kunnen ervaren leerkrachten met behoud van hun vaste aanstelling uitstapjes maken naar andere scholen en uiteindelijk de school vinden die perfect bij hen past.’

Droombeeld

Marcel: ‘Mijn droombeeld is dat RTC’s nog veel meer worden betrokken bij het ontwikkelen van leerkrachten. Inmiddels heeft Nederland bijna een landelijk dekkend netwerk van RTC’s. Stel dat wij een evenredig deel van het scholingsbudget krijgen voor de invallers die we begeleiden. Dan zouden we daarmee scholing kunnen bieden aan alle invallers in Nederland, bijvoorbeeld met een e-learningportaal of coachingsmogelijkheden. Met zijn allen kunnen we dat voordelig inkopen. Als straks alle leerkrachten ingeschreven moeten staan in een lerarenregister en aan een scholingsnorm moet voldoen, hebben invallers een groot probleem. RTC’s kunnen de oplossing bieden.’

Hester: ‘Ik wil mijn eigen klas hebben op mijn ‘droomschool’. Dat moet in elk geval een school zijn met veel dynamiek en waar ik kan blijven leren. Ik gun mezelf de tijd om te ontdekken hoe die school er precies uit zou moeten zien. Nu ben ik nog vooral aan het afstrepen wat ik wel en niet wel. Doordat ik veel zie en meemaak vallen er steeds meer puzzelstukjes in elkaar. Mijn droom is dat elke leraar helemaal zichzelf kan zijn voor de klas en past bij de school waar hij of zij werkt. Om dat te ontdekken is invalwerk ideaal. Als ik over een paar jaar een vaste plek heb, kijk ik terug op deze periode als een mooie ontdekkingsreis. Ik had dit voor geen goud willen missen.’

Privacy en cookies. Lees meer.